Pinken

Wanneer ik voor de eerste maal de weide, gelegen aan de Koesteeg, in wandel staan dertien rood bonte pinken (een pink is een jong rund variërend van een half tot anderhalf jaar oud) me van een afstandje roerloos aan te kijken.

Nadat ik dit clubje de daarop volgende week dagelijks bezocht heb voor een fotoreportage, zijn in ieder geval de oudere pinken niet meer onder de indruk van mijn aanwezigheid; ze grazen en herkauwen gewoon door wanneer ik mij op hun territorium begeef. Ze kijken hoog uit zo nu en dan even op.

De jongste pinken blijven mij echter ook na een week van korte kennismakingsbezoekjes liever van een veilige afstand observeren. Wel kan de één zijn nieuwsgierigheid wat moeilijker bedwingen dan de ander. En, als ze me dan toch moeten passeren om het contact met de rest van de kudde niet te verliezen, doen ze dat het liefst onopgemerkt in het kielzog van hun oudere neven en nichten.

Eén van de middelgrote pinken doet me aan Merijn, de jongste zoon van een vriendin, denken. Merijn gaat reeds op jonge leeftijd al zijn eigen weg, is gezond eigenwijs en bewust. Zo ook deze pink; als ze de kans krijgt gaat ze ongeacht wat de rest van de kudde doet, bewegingsloos dicht voor me staan. Geobsedeerd door mij of de camera.

Aan het eind van de week spreek ik de bezitter van deze mooie kalveren. Ik complementeer de boer met het rustige karakter van zijn vee waarna hij me vertelt dat juist dit karakter één van de redenen voor hem is om dit ras, het Fleckvieh ras, te houden. Hij boert biologisch, vertelt hij mij. Op mijn vraag wat volgens hem ‘biologisch boeren’ in houdt, antwoord hij me dat zijn kalveren de tijd en ruimte krijgen om in een rustig tempo op te groeien waarna ze als volgroeide koe geacht worden melk te produceren en zich, enkele weilanden verderop, te laten bevruchten door de stier. 

In een aangrenzende wei staan zwart bonte pinken van het Fries Hollands koeienras, leer ik van de boer. Zowel wat betreft kleur, bouw als karakter duidelijk een ander ras. Deze pinken hebben weinig vlees op de botten en al goed ontwikkelde uiers en zijn daardoor later als volgroeide koe uitermate geschikt voor de productie van melk, vertelt hij me.

Ze zijn beduidend nieuwsgieriger en ondernemender dan hun leeftijdgenoten van het Fleckvieh ras, valt me op. Wanneer ik de weide in wandel komen ze in gallop naar me toe snellen. Eenmaal voor mijn neus dringen ze elkaar opzij en zichzelf naar voren om zo dicht mogelijk bij me te geraken. Gelijk een stelletje pubers die elkaar te slim af en haantje de voorste willen zijn. Ik neem, zittend op de grond, een paar mooie foto’s van dit opdringerige stel. Als ik klaar ben wandel ik verder. Af en toe kijk ik naar ze om en zie dat ze me nog minutenlang nakijken. Zou hij nog terug komen?

Bericht Delen?!

1 reactie op “Pinken

  1. Wat leuk! Die beschrijving van Merijn (mijn zoon) klopt precies. Perfect beschreven. Ik hoop dat ie dat altijd blijft behouden. En natuurlijk is het hele stuk wederom prachtig geschreven. Je ziet het ook zo voor je.

    groetjes
    Angela

Reactie Achterlaten

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.